Universiteit Leiden

nl en

Even voorstellen: Edurne De Wilde, Hidde Slotboom en Anne Por

Edurne De Wilde, Hidde Slotboom en Anne Por zijn sinds september 2019 promovendi bij het project Scholarly Vices: A Longue Durée History, onder leiding van Herman Paul. Hieronder stellen zij zich voor!

Hidde Slotboom

Mijn naam is Hidde Slotboom en sinds september werk ik als promovendus bij het Instituut voor Geschiedenis. In het kader van het Vici-project van Herman Paul houd ik mij de komende vier jaar bezig met de manier waarop door wetenschapshistorici uit de achttiende en negentiende eeuw werd gedacht over middeleeuwse wetenschap.

Hoewel ik al in een vroeg stadium van mijn studie besloot dat ik wilde promoveren, lag het niet van begin af aan in de lijn der verwachting dat ik dat bij geschiedenis zou doen. Ik begon hier in Leiden met de bachelor Engelse taal en cultuur en een jaar later ook met de bachelor Nederlandse taal en cultuur. Daarna wilde ik graag verder met een onderzoeksmaster. Omdat zo’n master over de Nederlandse literatuur enkel in Utrecht werd aangeboden, verliet ik Leiden om in Utrecht verder te studeren. Tijdens het eerste jaar van mijn onderzoeksmaster groeide mijn belangstelling voor (cultuur)geschiedenis. Daarom keerde ik na een jaar weer terug naar Leiden voor de master geschiedenis, met als doel om mijn historische kennis en vaardigheden te vergroten. Afgelopen augustus studeerde ik af in Utrecht. Omdat ik meteen daarna aan de slag kon als promovendus, heb ik toen besloten mijn master geschiedenis niet af te maken.

Het belangrijkste doel van het project ‘Scholarly Vices: A Longue Durée History’ is te begrijpen waarom vroegmoderne ondeugden zoals ‘dogmatisme’ tot de dag van vandaag worden gebruikt om het werk of het karakter van wetenschappers te bekritiseren. Edurne De Wilde, Anne Por en ik zijn de drie promovendi in het project. Het team bestaat daarnaast uit postdoc Alexander Stöger en wordt volgend jaar versterkt met nog twee postdocs. Onder leiding van Herman Paul werken we ieder aan ons eigen deelproject. Mijn deelproject, ‘The Dark Middle Ages: Language of Vice in Histories of Science’ gaat over de negatieve beeldvorming van de middeleeuwen. Tegenwoordig wordt de term ‘middeleeuwse toestanden’ gebruikt voor fenomenen die als achterhaald en barbaars worden gezien. Op een vergelijkbare manier keken wetenschapshistorici in de achttiende en negentiende eeuw naar middeleeuwse wetenschap. Ze zagen de middeleeuwen als een donkere periode voor de wetenschap, waarin vooroordelen en obscure ideeën hoogtij vierden. Het is mijn taak om te begrijpen waarom zulke ideeën zo’n grote aantrekkingskracht hadden en hoe ze zich verspreidden. Ik zie ernaar uit om de komende jaren in de inspirerende omgeving van het Instituut voor Geschiedenis aan dit onderzoek te werken!

Edurne De Wilde

Ik ben Edurne De Wilde, één van de drie kersverse promovendi in het project Scholarly Vices: A Longue Durée History onder leiding van Herman Paul. Mijn deelproject Idols of the Mind: Modern Variations on a Baconian Theme, 1800-2000 richt zich op moderne interpretaties van Francis Bacons idola mentis. De afgelopen maanden verdiepte ik me bijvoorbeeld in het werk van de Franse socioloog Émile Durkheim. Ik trachtte te achterhalen waarom hij in zijn belangrijkste methodologische werk uitdrukkelijk verwees naar Bacons Novum Organum (1620), het werk waarin Bacon toelichtte hoe en waarom de idola mentis hardnekkige obstakels vormen bij het verwerven van kennis. Deze eerste verkennende case study smaakt naar meer. Kortom, ik kijk ernaar uit om samen met mijn collega’s vier jaar lang rond het onderwerp scholarly vices te werken.   

Iets meer over mezelf nu. Hoewel mijn voornaam Baskisch is, verraadt de hoofdletter in mijn familienaam dat ik uit België kom. Intussen woon ik al drie jaar met plezier in Leiden. In 2016 ruilde ik in het kader van een Erasmusuitwisseling mijn geliefde studentenstad Leuven een jaar lang in voor Leiden. Aangezien de stad en de universiteit me erg bevielen, besloot ik te blijven om de tweejarige onderzoeksmaster Geschiedenis te volgen. Ik koos voor de specialisatie Cities, Migration and Global Interdependence. In mijn scriptie analyseerde ik de manier waarop Nederlandse komieken tussen 1975 en 2010 omgingen met het onderwerp integratie. Verder deed ik tijdens mijn studies extra onderzoekservaring op als research trainee in een onderzoek naar petities aan de Tweede Kamer tussen 1796 en 1940, zetelde ik als één van de studentenleden in de Opleidingscommissie Geschiedenis en werd ik redacteur bij het geschiedenisblog Over de Muur.

Voor deze foto nam ik uitzonderlijk voor de lens plaats. Uitzonderlijk, want als amateurfotograaf sta ik veel liever aan de andere kant van de camera. Daarnaast lees ik in mijn vrije tijd veel boeken en klim ik geregeld op een spinningfiets.

Anne Por

Mijn naam is Anne Por en ik ben sinds september 2019 samen met Edurne De Wilde en Hidde Slotboom werkzaam als promovendus in het door Herman Paul geleide project Scholarly Vices: A Longue Durée History. Binnen dit project richt ik mij op het academische genre van de Hodegetik (van ὁδηγέω, “de weg wijzen”). Eerstejaarsstudenten in achttiende- en negentiende-eeuws ‘Duitsland’ kregen door middel van hodegetische colleges en leerboeken advies over hoe zij dienden te studeren en te leven. Er werd hen niet enkel uitgelegd wat te doen om goede, studieuze gewoonten te cultiveren, maar ook op het hart gedrukt wat zij vooral moesten laten. Dit om te voorkomen dat zij ten prooi zouden vallen aan scholarly vices. Naast dat hodegetische teksten een beeld geven van deze scholarly vices in hun veranderende betekenissen, openbaren zij ook hoe werd gedacht over het wezen van de academie, kennis, en moraliteit.

Tijdens mijn eerste studie, Natuur- en Sterrenkunde in Leiden, kreeg ik al snel behoefte aan reflectie. Mede omdat ik merkte dat ik graag een metaperspectief innam, besloot ik uiteindelijk om in plaats van Natuurkunde de bachelor Kunstgeschiedenis te volgen. Dit viel bovendien beter te combineren met mijn Practicum Musicae opleiding Klassieke Zang aan het conservatorium in Den Haag. Tijdens mijn bachelor Kunstgeschiedenis heb ik steeds mijn affiniteit met de exacte en natuurwetenschappen proberen in te zetten. Zo schreef ik bijvoorbeeld mijn scriptie over het ontstaan van het lijndiagram: wat voor denken was nodig om tot een dergelijke visuele innovatie te komen? Ik vervolgde mijn studie in Utrecht bij de master History and Philosophy of Science. Daar heb ik mij onder andere kunnen verdiepen in meer methodologische en abstracte historische zaken. Mijn scriptie schreef ik over het interpreteren van (begin negentiende-eeuwse Duitse/Zwitserse) wiskunde.

Terugkerende thema’s in bijna al mijn onderzoek, en waar ik dus graag van gedachten over wissel, zijn het menselijke vermogen tot abstract denken, de verschillende vormen van zulk abstract denken en hun implicaties, en de neiging tot (behoefte aan?) metafysica die verbonden lijkt met abstracte gedachten. Daarnaast ben ik ook gefascineerd door de daarmee verbonden inspanningen om dergelijke abstracties begrijpelijk of zelfs (opnieuw) zintuiglijk waarneembaar te maken. Tijdens mijn onderzoeksstage bij het Rijksmuseum Boerhaave heb ik vooral dat laatste mogen bestuderen in de vorm van eind negentiende- en begin twintigste-eeuwse materiële wiskundemodellen. In mijn huidige project hoop ik ook het eerdergenoemde aan bod te laten komen in de vorm van ideeën rondom moraliteit en kennis.

In mijn vrije tijd kook ik graag, houd ik mij bezig met queer history en memory, en bestudeer ik de esthetieken en waardesystemen van online-subculturen.

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.