Aanvoerders interfacultaire thema’s ontmoeten elkaar tijdens startbijeenkomst
Bijna alle aanvoerders van de interfacultaire thema’s zijn bekend. Op donderdag 5 februari kwamen ze voor het eerst bijeen. We vroegen drie aanvoerders: welke kansen zie je bij jouw thema voor de samenleving, de universiteit en voor individuele medewerkers?
Elkaar ontmoeten, inspiratie opdoen, kennis vergaren over beschikbare ondersteuning en vervolgafspraken maken. Dat was het doel van de startbijeenkomst voor aanvoerders van de vijftien interfacultaire thema’s, die plaatsvond in het academiegebouw op donderdag 4 februari. Met vijftien interfacultaire thema’s wil de Universiteit Leiden zich de komende jaren sterker profileren op gebied van onderzoek en onderwijs, op nationaal en internationaal niveau. De aanvoerders gaan voor hun eigen thema ambities formuleren, bijdragen aan oplossingen voor complexe maatschappelijke vraagstukken, interne samenwerking aanjagen, inter- en transdisciplinair onderzoek en onderwijs versterken en contacten onderhouden met externe stakeholders.
De thema’s zijn gerangschikt in vijf domeinen, met per domein drie thema’s. Per thema zijn meerdere aanvoerders benoemd, die elk uit een andere faculteit afkomstig zijn. Zo wordt de interfacultaire samenwerking bevorderd. Kijk hier voor het volledige overzicht van alle domeinen en thema’s.
Antoaneta Dimitrova, hoogleraar Comparative Governance, aanvoerder ‘Geopolitiek in Europa en de wereld’
‘De urgentie voor dit thema is groot. Lang is er in Europa geen aandacht geweest voor geopolitiek. Nu zien we voor onze ogen een nieuwe wereldorde ontvouwen. Het is belangrijk om beter te begrijpen wat die nieuwe verhoudingen gaan betekenen. De Universiteit Leiden heeft op heel veel plekken expertise. Voor mij is de mogelijkheid, om al deze expertise bij elkaar te brengen, een drijfveer om mede-aanvoerder van het thema te worden.’
‘Wat het thema de universiteit als geheel kan gaan opleveren, zijn de interdisciplinaire connecties die via een lange termijn-programma als dit worden gelegd. Daar heb je als wetenschapper echt iets aan. Bovendien kan deze constructie ervoor zorgen dat ondersteuning en interfacultaire samenwerking wordt versterkt – administratieve hobbels en de structuur van faculteiten maken samenwerking binnen de universiteit soms moeilijk.’
‘Gebaseerd op mijn ervaringen binnen de interdisciplinaire Europe hub, kunnen individuele wetenschappers veel hebben aan het netwerk van een thema. Je doet er veel kennis en inzichten op. Bovendien kan een netwerk je versterken, bijvoorbeeld in de externe contacten met media. Als je een journalist niet meteen kunt helpen, kan je dankzij een netwerk makkelijker verwijzen naar collega’s. Wat het netwerk nadrukkelijk niet doet: nieuwe onderzoeksmiddelen voor je tevoorschijn toveren. Om zelf iets uit het netwerk te halen, zul je er tijd en energie in moeten steken.’
Peter Bisschop, hoogleraar Sanskriet en oude culturen van Zuid-Azië, aanvoerder ‘Talen, culturen en wereldbeeld’
‘Een persoonlijke drijfveer om aanvoerder te worden van dit interfacultaire thema, is dat ik me heel erg kan vinden in de bewoording ervan. Taal speelt een grote rol in de ontwikkeling van een cultuur, en uiteindelijk in de vormgeving van een wereldbeeld. Het onderzoek en onderwijs op gebied van taal geeft inzicht in meer dan een taal op zich, je komt juist dingen te weten over allerlei onderwerpen die spelen in de maatschappij. Door alle ontwikkelingen binnen de wereldpolitiek lijkt het me heel duidelijk dat de samenleving behoefte heeft aan meer wederzijds begrip, meer inzicht in elkaars cultuur en wereldbeelden. De universiteit moet de buitenwereld laten zien dat wij bij dat wederzijds begrip kunnen helpen.’
‘Een tweede motivatie is dat ik denk dat er nog veel meer dwarsverbanden te leggen zijn binnen onze universiteit. De realiteit is toch dat onze onderzoeks- en onderwijsactiviteiten nog vaak besloten liggen in faculteiten en instituten. Als aanvoerder zou ik willen proberen om meer verbindingen te leggen. Alleen al binnen mijn eigen faculteit zie ik bijvoorbeeld kansen voor meer samenwerking van wetenschappers zoals ikzelf, die zich bezighouden met het pre-moderne Azië, met onderzoekers van de klassieke oudheid. Er valt veel kennis uit te wisselen over oude beschavingen. Maar ik denk ook aan meer samenwerking met de faculteit Archeologie, om meer verband te leggen tussen taalonderzoek en materiële cultuur.’
‘Die verbindingen kunnen ons als universiteit veel brengen, en ik denk dat de interfacultaire gemeenschappen ook heel interessant kunnen zijn voor de individuele Leidse wetenschappers. Ten eerste moet je je als wetenschapper blijven ontwikkelen, je blijft in zekere zin eeuwig student. Je zorgt voor die ontwikkeling door kennis te maken met andere disciplines. Daarnaast maken aanvragen voor grote onderzoeksmiddelen zoals ERC’s meer kans als je een koppeling met allerlei disciplines kunt laten zien. En als je eenmaal zo’n project hebt lopen, vormt dat ook weer een mooie basis voor een volgende aanvraag.’
Joost Batenburg, hoogleraar Imaging and Visualization, aanvoerder ‘AI voor mens, maatschappij en wetenschap’
‘Dit thema vormt voor mij een natuurlijk vervolg op het interdisciplinaire stimuleringsprogramma Society, Artificial Intelligence and Life Sciences (SAILS), dat in 2020 startte. We hebben toen veel energie gestoken in het opzetten van een sterk netwerk van AI-onderzoekers binnen de Universiteit Leiden. Nu wordt het tijd om meer aan de wereld te laten zien wat we in huis hebben, om ons smoel te tonen. Bijzonder aan Leiden is dat we met ons onderzoek en onderwijs het hele AI-domein bestrijken: van kennis over technologie, over het gebruik van die technologie en de invloed van AI op de mens. Bovendien leggen we tussen deze drie elementen allerlei dwarsverbanden door interdisciplinaire samenwerking.’
‘Door die profilering kunnen we een belangrijke maatschappelijke rol spelen, namelijk die van onafhankelijk kompas. Er heerst denk ik, onder onderzoekers én in de samenleving, een gevoel dat de agenda van AI door externe factoren wordt bepaald. Juist dan kan Leiden een prachtige rol spelen en helpen bij het vormen van een gefundeerde mening in de AI-chaos die soms over ons heen komt.’
‘Voor individuele onderzoekers valt er bij zo’n thema veel te halen. Ten eerste is het fijn om je aan te sluiten bij een netwerk waarin er kennis wordt gedeeld door middel van activiteiten. Daarnaast kan je via een netwerk veel makkelijker de buitenwereld bereiken in plaats van als individu. Het netwerk versterkt je. Mijn persoonlijke drijfveer om me in te zetten voor dit interfacultaire thema? Als persoon en onderzoeker wil ik het liefste àlles weten, als een soort homo universalis. De beloning die ik uit mijn activiteiten voor een thema haal, is het feit dat je over een onderwerp meer overzicht krijgt, met behoorlijke diepgang.’
-
Tijdens de bijeenkomst was er gelegenheid tot het stellen van vragen... -
...en een uitgebreid moment om elkaar te ontmoeten en eerste ideeën uit te wisselen. -
De aanvoerders schreven op 'tegeltjes' welke kwaliteiten ze voorzagen om bij te dragen aan hun thema..