Niet meer dan 1,5 graden warmer: bij wie ligt de klimaatopgave?
Zelfs als de industrie snel verduurzaamt, moeten huishoudens hun leefstijl veranderen om de klimaatdoelen te halen. Maar waarschuwt industrieel ecoloog Stephanie Cap: huishoudens kunnen dit niet alleen. Bedrijven en overheden moeten de juiste voorwaarden scheppen om die leefstijlveranderingen mogelijk te maken.
Aan de hand van wetenschappelijke modellen schetst Cap diverse scenario’s voor de jaren 2030 en 2050. Op die manier brengt ze in kaart wat nodig is om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen en de opwarming van de aarde binnen de 1,5 graden te houden: de drempel waarbinnen klimaatverandering schadelijk, maar nog beheersbaar is. Een ding is zeker: ‘Industriële verduurzaming alleen is niet genoeg voor 1,5 graad. Huishoudelijke verduurzaming alleen ook niet. Het moet echt allebei.’
Wat kunnen wij doen?
Voor haar onderzoek analyseerde Cap vijf Europese landen: Duitsland, Spanje, Letland, Hongarije en Zweden. Elk van deze landen heeft een andere uitgangspositie. Zo verschillen ze in de infrastructuur voor hernieuwbare energie, de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen en het inkomen van huishoudens, en deels ook in hun beleid. Met scenariomodellen die gebruikmaken van de database EXIOBASE bracht ze de koolstofvoetafdruk van huishoudens in kaart. ‘Koop je groenten, een laptop of electriciteit, dan kijkt het model naar alle productiefactoren die nodig zijn om dat product te maken. Voor bijvoorbeeld één euro aan voedingsmiddelen of treinreizen kan ik berekenen hoeveel broeikasgassen er tijdens het proces zijn uitgestoten.’
Met haar modellen in de hand, ging ze op zoek naar een antwoord op de vraag: wat gebeurt er met de uitstoot van broeikasgassen als huishoudens anders gaan consumeren? Hiervoor bedacht Cap diverse zogenaamde portfolio’s aan maatregelen en veranderingen. Het terugdringen van het gebruik van auto’s met verbrandingsmotoren, het afbouwen van verwarming op fossiele brandstoffen en de overstap naar plantaardige voedingspatronen leverden consequent de grootste emissiereducties op. Daarbij ging Cap uit van een scenario waarin ook de industrie vergaand verduurzaamt.
Bleek de doelstelling van maximaal 1,5 graden haalbaar? In de scenario’s voor 2030 is dat theoretisch mogelijk, maar alleen als een groot deel van de bevolking een breed pakket aan leefstijlveranderingen doorvoert. In landen met een relatief hoge uitstoot moet minstens 87 procent van de bevolking meedoen. In Spanje en Hongarije ligt dat aandeel lager, rond de 50 tot 60 procent. In de scenario’s voor 2050 wordt het nog lastiger: Duitsland, Letland en Zweden halen de 1,5 gradendoelstelling niet. Alleen Spanje en Hongarije kunnen die theoretisch halen, en dan alleen wanneer maatregelen met een grote impact vrijwel volledig worden doorgevoerd.
Cap vindt het belangrijk om te benadrukken dat de verkennende scenario’s zijn gebaseerd op een nulmeting uit 2015 en op klimaattransitiepaden die enkele jaren geleden zijn ontwikkeld. Dit doet echter niets af aan de implicaties voor de omvang van de benodigde leefstijlveranderingen en de vergaande verduurzaming die daarvoor nodig is.
Voorwaarden voor verandering
Een hoog percentage als 87 procent roept ook meteen de vraag op of mensen die veranderingen ook daadwerkelijk kunnen en willen maken. Cap benadrukt dat het daarbij niet alleen gaat om de bereidheid van huishoudens. Zo is minder afhankelijk zijn van de auto lastig als er geen goed openbaar vervoer beschikbaar is of als werktijden daar niet op aansluiten. Ook voor andere keuzes zijn de omstandigheden bepalend. Volgens Cap moeten daarom niet alleen huishoudens veranderen, maar moeten ook bedrijven en overheden de voorwaarden scheppen om zulke keuzes mogelijk te maken.
Een boodschap voor Brussel
Cap concludeert dat, zelfs als de industrie snel verduurzaamt, er grote veranderingen in huishoudelijke consumptie nodig. Met haar resultaten in de hand, hoopt ze dat er een hernieuwd gevoel van urgentie onder beleidsmakers in de EU zal ontstaan. Simpel gezegd: er moet sterker worden ingezet op emissievrije verwarming, vervoer en individuele leefstijlveranderingen.
Ze ziet een krachtige boodschap in de, mogelijk ontmoedigende uitkomsten van haar onderzoek: ‘Ik begrijp dat het overweldigend kan voelen als je kijkt naar de kloof tussen waar we nu staan en waar we moeten zijn. Maar individuele veranderingen zijn een essentieel onderdeel om onder die 1,5 graden te blijven. Ik hoop dat mensen zich gesterkt voelen om veranderingen te maken, wetende dat ze daadwerkelijk verschil maken.’
Promoties van onderzoekers van de Universiteit Leiden zijn live online te volgen. Donderdag 1 oktober − van 16.00 tot 17.00 uur − verdedigt Stephanie Cap haar proefschrift getiteld Everything Must Change: 1.5°C decarbonization scenarios across industries and households.