Voelen moslims zich thuis in de Europese Unie? ‘Kennis kan helpen discriminatie en fake news tegen te gaan’
De Europese Unie mag van alles en nog wat meten over haar inwoners, we weten maar weinig van de mate waarin zij zich thuis en veilig voelen in de EU. Zeker over etnische en religieuze minderheden ontbreken gegevens. Hoogleraar Sarah Wolff ontvangt een NWO L-beurs om daar verandering in te brengen.
Centraal in Wolffs onderzoek staat het Engelse begrip belonging, dat vaak wordt gedefinieerd als je thuis en veilig voelen. ‘Belonging is tot nu toe vrijwel uitsluitend in een nationale context onderzocht’, vertelt Wolff. ‘In hoeverre voelen mensen in Frankrijk zich daar thuis? Op Europese schaal ontbreken die gegevens, zeker voor minderheden. We weten nauwelijks hoe minderheden als joden, moslims, vrouwen of de LHBTIQ+-gemeenschap zich verhouden tot de Europese Unie (EU), terwijl eerder onderzoek wel duidelijk heeft gemaakt dat mensen met een sterk gevoel van belonging eerder geneigd zijn om instituties te vertrouwen en democratie te ondersteunen.’
Met een onderzoeksachtergrond in migratie, het Midden-Oosten en Noord-Afrika lag het voor Wolff voor de hand om die lacune te vullen met de ervaringen van Europese moslims. Wolff: ‘Daar heb ik nu eenmaal de meeste kennis over, maar uiteindelijk wil ik een theorie ontwikkelen over belonging en een methode ontwikkelen die ook van toepassing is op andere minderheden.’
Wolff gaat in haar onderzoek concreet naar drie landen kijken: Nederland, Frankrijk en Bulgarije. ‘Nederland en Frankrijk hebben door de migratie van gastarbeiders sinds de jaren zestig allebei een grote moslimpopulatie opgebouwd. Bulgarije onderscheidt zich daarvan door een groep mosliminwoners die al sinds het Ottomaanse Rijk in het gebied woont. In een continent waar moslim vaak wordt gelijkgesteld aan migrant, vormt dat een interessante invalshoek.’
Ontsnappen aan racisme en discriminatie
Een van de hypotheses die Wolff met onder meer focusgroepen, Q-methodologie en enquêtes wil onderzoeken, is dat de Europese Unie een ontsnappingsmogelijkheid biedt voor racisme en discriminatie. ‘In mijn onderzoek kijk ik alleen naar moslims die wettelijk EU-staatsburger zijn. Op papier hebben zij dezelfde rechten als andere inwoners van hun land, maar in de praktijk ervaren zij vaak racisme en discriminatie. Het opvallende is dat die vaak minder worden, wanneer ze naar een ander EU-land verhuizen. Verruilt bijvoorbeeld iemand met een Algerijnse achtergrond Frankrijk voor Italië? Dan wordt diegene ineens gezien als Frans in plaats van Algerijns.’
Over een paar jaar hoopt Wolff met de resultaten van haar onderzoek een bijdrage te leveren aan het publieke debat. ‘Onze samenlevingen worden steeds multicultureler. Het is belangrijk om data te hebben over de ervaringen van minderheden, zodat beslissingen gebaseerd worden op feiten. Hopelijk kunnen we op deze manier fake news, de achteruitgang van de democratie, racisme en discriminatie tegengaan.’