Universiteit Leiden

nl en
Medewerkerswebsite Gast
Je ziet nu alleen algemene informatie. Selecteer je organisatie om ook informatie te zien over jouw faculteit.

Een pluche knuffel met batterijen: op zoek naar de rol van sociale robots in de ouderenzorg

Van spinnende pluche knuffelkatten tot blaffende robothonden: wat betekenen deze technologieën voor ouderen, zorgverleners en familieleden? Dankzij een Veni-subsidie van NWO onderzoekt antropoloog Tanja Ahlin hoe robots in de vorm van een dier kunnen bijdragen aan de ouderenzorg in Nederland.

Met haar Veni-project Paw Support: Animal-shaped social robots in elder care in the Netherlands onderzoekt Tanja Ahlin de rol van sociale robots in de Nederlandse ouderenzorg. Wereldwijd zetten vergrijzende bevolkingen de zorg onder druk, terwijl financiële en personele middelen steeds schaarser worden.

De vraag is of relatief eenvoudige technologieën, zoals pluche robotkatten en -honden, een betekenisvolle bijdrage kunnen leveren aan duurzame langdurige zorg. Sociale interactie is de belangrijkste functie van een sociale robot, die door sommigen een robot wordt genoemd, terwijl anderen het zien als een pluche knuffel met batterijen.

‘Ik ben antropoloog, dus voor mij staat de mens centraal’, zegt Ahlin. ‘Onze levens zijn inmiddels zo verweven met technologie dat het onmogelijk is om die niet te bestuderen. Ik ben vooral nieuwsgierig naar nieuwe technologieën en hoe die onze relaties met elkaar beïnvloeden. En hoe we voor elkaar zorgen en wie we worden door die relaties.’

Volgens de antropoloog gaat de aandacht vaak uit naar grote technologische ontwikkelingen zoals AI. Terwijl juist alledaagse, ogenschijnlijk eenvoudige technologieën subtiele maar belangrijke effecten kunnen hebben.

Een van de sociale robots die Tanja Ahlin in haar onderzoek tegenkwam

Waar komen die 'zwerfkatten' vandaan?

Voor haar onderzoek bezoekt Ahlin verschillende zorginstellingen verspreid over Nederland. Daar observeert zij hoe bewoners, zorgverleners en familieleden omgaan met sociale robots. Ook wil ze weten waar de knuffelrobots vandaan komen. ‘Het lijkt soms alsof ze er gewoon ineens zijn’, lacht ze. ‘Een beetje zoals zwerfkatten. Een bewoner zei tegen me: 'De kat was er ineens en zag er zo eenzaam uit. Dus heb ik haar maar meegenomen. Nu is ze niet meer alleen.’

Juist die informele manier waarop sociale robots in Nederlandse zorginstellingen terechtkomen fascineert haar. In anderen landen zoals Denemarken wordt deze technologie vanuit de overheid gestimuleerd of opgelegd. De verspreiding in Nederland lijkt vaak van onderaf te ontstaan: via medewerkers, familieleden of bewoners zelf.

Naast haar veldwerk bij zorginstellingen wil Ahlin spreken met ontwikkelaars en adviseurs van robotimplementatie, winkeliers die de robots verkopen en beleidsmakers die nadenken over de toekomst van de ouderenzorg. Ook online onderzoekt ze discussies rondom sociale robots.

‘Familieleden willen graag het gesprek aangaan over wat deze robots kunnen betekenen voor hun naasten.’

Verrast door de openheid

Hoewel het onderzoek nog maar net is begonnen, hebben de eerste dagen van haar veldwerk al indruk gemaakt. ‘Ik ben verrast door hoe open iedereen is en hoe nieuwsgierig mensen reageren’, zegt Ahlin. ‘Familieleden willen graag het gesprek aangaan over wat deze robots kunnen betekenen voor hun naasten.’

Dit geldt niet alleen voor de familie, maar ook voor bewoners zelf. Zo ontmoette ze een vrouw die vier robotkatten op haar kamer had. Eén had ze zelf meegenomen, één was van de instelling en van twee andere knuffelbeesten wist niemand precies waar ze vandaan kwamen. Deze bewoner behandelde haar robotkat eerst als een levend dier. ‘Even later draaide ze de knuffel om, haalde de vacht open en wees op de batterijen. ‘Je weet toch dat deze niet echt is hè’, zei ze tegen me.’

Volgens Ahlin laat dat zien hoe complex de relatie tussen mens en robot kan zijn. Mensen weten vaak heel goed dat het geen echte dieren zijn, maar dat betekent niet dat ze er geen band mee kunnen opbouwen.

Wie heeft baat bij sociale robots?

Een belangrijke vraag binnen Paw Support is wie daadwerkelijk profiteert van deze technologie.  De dieren roepen vaak herinneringen op aan huisdieren uit het verleden en kunnen daardoor gezelschap, rust en veiligheid bieden. ‘Dat kan bij ouderen zorgen voor een verhoging van de levensvreugde. Het is zeker geen teken dat ze eenzaam zijn of dat het triest is.’

Daarnaast wil Ahlin ook begrijpen waarom sommige mensen of instellingen terughoudend zijn. ‘Ik ga juist ook naar zorginstellingen die geen sociale robots gebruiken. Dan wil ik weten waarom niet.’

Kunnen sociale robots bijvoorbeeld bijdragen aan meer rust, minder eenzaamheid of zelfs een vermindering van medicatiegebruik?

Praktische richtlijnen voor de zorg

Het uiteindelijke doel van het project is niet alleen om beter te begrijpen wat sociale robots zijn en hoe ze functioneren binnen de ouderenzorg, maar ook om praktische handvatten te ontwikkelen. ‘Een zorgmedewerker zei tegen mij: ik wou dat er een handboek bestond over hoe je sociale robots gebruikt in de zorg. Maar dat is er niet.’

Daarom wil Ahlin op basis van haar bevindingen richtlijnen ontwikkelen voor zorginstellingen, zorgverleners, familieleden en beleidsmakers. Die moeten helpen bepalen wanneer sociale robots zinvol zijn, voor wie ze geschikt zijn en wanneer andere vormen van ondersteuning beter passen. Ook onderzoekt ze andere effecten. Kunnen sociale robots bijvoorbeeld bijdragen aan meer rust, minder eenzaamheid of zelfs een vermindering van medicatiegebruik? ‘Dat zijn vragen waarop ik de komende jaren het antwoord wil gaan vinden.’

Deze website maakt gebruik van cookies.  Meer informatie.