De dag van Jasper - Een dag in het spoor van de wetenschap
Met onweer op komst en een congres in het vooruitzicht reist Jasper naar zijn geboortegrond voor overleg. Daarbij krijgt hij een bezoekje aan de Einsteintelescoop en een lesje in de Nederlandse spoorlogistiek cadeau.
Jasper Knoester is de decaan van de Faculteit Wiskunde & Natuurwetenschappen. Hoe gaat het met hem, wat doet hij precies en hoe ziet zijn dag eruit? In elke nieuwsbrief geeft Jasper een inkijkje in zijn leven.
Vrijdag, 19 juni
‘Ik ben voor zes uur wakker. Xuefei moet met een ochtendvlucht naar London en is al op. Voor mij wordt dit de laatste werkdag voor ik morgen naar een congres in Singapore vertrek, een leuk vooruitzicht. Ik heb daar al jaren een uitstekende samenwerking en het zal een goed weerzien worden met vrienden, collega’s en oud-promovendi. Het weer vandaag is een goede voorbereiding op volgende week: tropisch met naar verwachting vanavond stevige buien.
Bètadecanenoverleg in Limburg
Ik moet naar Maastricht voor een vergadering van de bètadecanen en bekijk licht bezorgd de weersverwachting. Gisteravond is er al noodweer geweest in Limburg en de treinenloop heeft daar ook vanochtend nog last van. Toch ga ik met plezier op pad. Het bètadecanenoverleg, dat vijf keer per jaar plaatsvindt, is een erg nuttig collegiaal overleg. Het neemt een hele vrijdagmiddag in beslag en is altijd een mooie afsluiting van de week. Het rouleert langs alle universiteiten met een bètafaculteit. Vandaag dus naar Limburg, extra leuk, omdat het mijn geboortegrond is.
Iets na acht uur zit ik in de trein. De reis gaat verrassend voorspoedig. Ik bereid rustig de vergadering voor. Ik ben dit keer de voorzitter en dat vergt extra scherpte en tijdbewaking, zeker gezien het grote aantal deelnemers. Vanaf Utrecht zit ik samen met een aantal collega’s in de trein, dus alle gelegenheid om bij te praten en vooruit te blikken. Rond half 12 zijn we in een zonnig en heet Maastricht. Ik ben hier talloze malen geweest en het is altijd weer leuk om terug te komen.
ETpathfinder
Het leuke van dat roulerende overleg, is dat we de kans krijgen om in elkaars keuken te kijken en bijzondere dingen te zien. Vandaag is dat zeker zo. Voor de vergadering is er een bezoek aan de ETpathfinder. ET staat voor Einsteintelescoop, de grote Europese faciliteit in ontwikkeling om zwaartekrachtsgolven te detecteren. Dat zijn fluctuaties in de kromming van de ruimtetijd, veroorzaakt door bewegingen en botsingen van extreem grote massa’s in het heelal. Ze zijn een directe uitkomst van de algemene relativiteitstheorie van Einstein.
Nederland, samen met buurlanden België en Duitsland, doet een gooi naar het binnenhalen van deze faciliteit in Zuid-Limburg en in voorbereiding daarop wordt hier in een mini-versie van de uiteindelijke telescoop de apparatuur verkend en getest die uiteindelijk 300 meter onder de grond voor de detectie moet gaan zorgen. We krijgen een overtuigend verhaal van medewerker Gideon Koekoek en promovendus Emma Prins, dat aantoont dat de ET uiteindelijk een factor 100.000 gevoeliger wordt dan alle nu bestaande detectoren.
Bètaonderwijs en –onderzoek op de kaart zetten
Na deze imposante bezichtiging, gaan we naar de vergaderzaal. Vandaag staan als hoofdonderwerpen op de agenda de mogelijkheden voor samenwerking met Defensie en de Nederlandse Defensie Academie (NLDA), de organisatieontwikkeling en verdere professionalisering van ons overleg en het zogenaamde bètanarratief. Daarin zetten we zeer beknopt het belang van hoger onderwijs en onderzoek in het bètadomein uiteen voor politici en mensen buiten de academie. Al deze onderwerpen zijn erop gericht de zichtbaarheid, impact en mogelijkheden van het bètadomein te vergroten. Het is goed dat we daarin gezamenlijk optrekken.
De vergadering sluit ik om precies half zes af, waarna we genieten van de uitstekende Maastrichtse keuken. Rond half negen lopen we naar de trein. Het zware onweer dat was voorspeld, is net aan Maastricht voorbijgegaan, zodat we droog in de trein aankomen. Helaas ontkom ik niet helemaal aan de grillen van het weer. Nadat ik in Eindhoven afscheid heb genomen van de overige collega’s, kom ik op een traject terecht waar door het slechte weer behoorlijke vertragingen optreden. Het lijkt er zelfs op dat ik moet terugreizen naar Eindhoven, maar dat blijft me bespaard. Nat en een half uur vertraagd kom ik voor middernacht thuis. Kamiel is in de stad met vrienden. Ik zet thee en kijk naar het WK voetbal. Tegen 1 uur ga ik naar bed in een te warme slaapkamer. De airconditioning straks in Singapore is opeens een aangenaam wenkend perspectief.’