Vrijheidslezing op Vlieland door Frans Osinga: 'Mijn vader vond hier kogels in de duinen'
'Herdenken en denken over oorlog begon voor mij al jong, juist hier op Vlieland. Als kleuter namen mijn ouders mij hier naartoe voor vakantie. Mijn vader vond .50 kogels in de duinen'. Met deze woorden trapte Frans Osinga zijn lezing af op 5 mei. Op 1 mei gaf hij een soortgelijke lezing in Wageningen in Hotel de Wereld.
De Vrijheidslezing van hoogleraar War Studies Frans Osinga:
'Het begon daadwerkelijk in 1970. Ik woonde in Rhenen. Als kleuter woonde ik op de erebegraafplaats op de Grebbeberg met mijn klasje de dodenherdenking bij, en daarna vierden we 25 jaar bevrijding. Dat staat me nog levendig bij.
Als militair ging het door in herdenkingsceremonies en oefeningen, ook hier boven de Vliehors.
In mijn huwelijk ging het door want mijn schoonfamilie moest net als vele anderen, gedwongen terugkeren uit Indonesië na daar generaties te hebben geleefd, na de Japanse bezetting, na internering in Jappenkampen en werk aan de spoorwegen, na de wreedheden van de Bersiap.
Thuis besef ik, sinds 2015, hoe vrij wij zijn als vluchtelingen zoals Hafedh langs ons huis lopen op weg naar het azc iets verderop.
Daarom wil ik graag vandaag hier stilstaan in Vlieland en met u praten over Bevrijdingsdag.
Vlieland
Vlieland, dit kleine eiland zo ogenschijnlijk ver verwijderd van de slagvelden, bevond zich jaren in de frontlijn. De duinen hier dragen nog steeds de littekens
Hier eindigde de oorlog niet op 5 mei 1945, maar pas op 31 mei, als een van de laatste plekken in Europa.
En nu vieren we Bevrijding. Een uniek tijdperk: 81 jaar geen oorlog tussen grootmachten en een internationale rechtsorde die ons vrijheid en ongekende welvaart heeft gebracht.
Mede dankzij de offers van de 28 Britse jonge mannen die hier naast deze kerk zijn begraven, gesneuveld in de strijd tegen een weerzinwekkend wrede fascistische dictatuur.
Die acht decennia zijn echter ten einde. Vandaar de verwijzing naar München in de titel.
We vieren vrijheid wederom in de schaduw van München, het München van 1933, en dat van 1938 toen de signalen van een dreigende oorlog duidelijk werden, maar het voor Nederland te laat was om ons militair nog voor te kunnen bereiden.
Maar ook het München van de veiligheidsconferenties van 2016, 2025 en 2026.
Conferenties die zo duidelijk maakten dat oorlog dichterbij komt, signalen die we eerst negeerden maar dat nu niet meer kunnen en mogen.
Vandaag vieren we Bevrijdingsdag in het besef dat, duidelijker dan voorgaande jaren, onze vrijheid bedreigd wordt, op een manier zoals we dat niet meer hebben meegemaakt sinds 1945.
In het besef dat oorlog terug is op ons continent.
Vandaag wordt er zelfs weer gesproken over de kans dat er een nieuwe wereldoorlog ontstaat.
Vandaag ook zien we de opkomst van die weerzinwekkende ideologie die ons 5 jaar geselde: fascisme.
Vrijheden zien we om ons heen slinken. Het aantal democratieën neemt wereldwijd af. Het aantal autoritaire regimes is intussen groter dan het aantal democratieën.
En vandaag, net als toen, zien we hoe buitenlandse ontwikkelingen van invloed zijn op onze eigen maatschappij.
Merz zei recent terecht, we leven niet in oorlog, maar zeker ook niet in vrede.
Juist daarom ook moeten we stilstaan bij de vraag waarom we Bevrijdingsdag vieren, wat vrijheid is, wat de fundamenten zijn van onze vrijheid, en hoe die momenteel worden ondergraven.
Wat betekent Bevrijdingsdag?
Het is een dag waarop we teruggaan naar de Tweede Wereldoorlog. Die oorlog staat symbool voor een groot kwaad: de bezetting, het einde van de rechtsstaat, het einde van politieke rechten, het einde van democratie, verlies aan rechtsbescherming, en schaarste en honger, willekeurige executies, deportaties.
We verloren vrijheid.
De Bevrijding is het moment waarop de bron van onvrijheid werd beëindigd.
Bevrijdingsdag gaat ook over de hoop van ‘dit nooit meer’. We gebruiken de geschiedenis om er van te leren, om het heden te begrijpen, en te waarschuwen als patronen van toen zijn te herkennen in wat er nu om ons heen gebeurt. Zodat we herhaling kunnen voorkomen van wat ons toen overkwam.
Daarom is er Bevrijdingsdag.
Maar wat is dan die Vrijheid is die we vieren?
Dat is een veelzijdig begrip.
Franklin Roosevelt gaf ons de nog altijd bruikbare ‘Four Freedoms’-indeling: de vrijheid van meningsuiting, de vrijheid van geloof, de vrijwaring van gebrek en de vrijwaring van angst.
Deels overlappen die met het onderscheid dat Isaiah Berlin ons gaf:
Enerzijds positieve vrijheid - de vrijheid tot ontplooiing - en anderzijds negatieve vrijheid - de vrijheid van inmenging.
De eerste is een persoonlijke vrijheid. De tweede een politieke.
Voor de meeste Nederlanders betekent vrijheid nu vooral persoonlijke autonomie. Kunnen doen en laten wat je wilt, jezelf kunnen zijn, vrijheid van meningsuiting, vrijheid jezelf te associëren met mensen en groepen. Dat is positieve vrijheid.
Die positieve vrijheid vereist wederzijdse tolerantie en vrijwaring van inmenging door de staat, de kerk of de buren, of wel negatieve vrijheid.
Die vrijheden beschouwen wij intussen als onderdeel van onze eeuwenoude nationale identiteit. Maar zij zijn van recente datum.
De wederopbouw zag het herstel van democratie, maar niet een snelle uitbreiding van vrijheden.
De wederopbouw duurde lang, tolerant waren we niet voor terugkerende Joden en landgenoten die moesten vluchten uit Indonesië.
Ook verzuiling beperkte onze positieve vrijheden.
Maar de jaren 60 en 70 brachten groeiende welvaart, sociale omwentelingen, ontkerkelijking, ontzuiling, en daarmee nieuwe vrijheden.
De anticonceptiepil, de tweede emancipatiegolf, studentenrevoltes: Nederland kreeg een ander (en opnieuw vrijer) gezicht.
Met het einde van de Koude Oorlog brak ‘het einde van de geschiedenis’ aan: Liberale democratie als maatschappelijke ordeningsmodel had gezegevierd.
Vrijheid had gewonnen van fascisme en communisme.
Sindsdien is vrijheid uitgespreid richting Oost-Europese landen. Meer mensen in Europa zijn vrij, en er zijn in Nederland ook meer vrijheden bijgekomen in de vorm van bijvoorbeeld bescherming van minderheden, vrouwen, kinderen, en vluchtelingen.
Op 4 en 5 mei actualiseren we de belevenis van die vrijheden als individu,
en, in de rituelen die we gezamenlijk doorlopen, ook als natie.
Vrijheidsherdenking en viering zijn die jaarlijks terugkerende momenten waarin Nederlanders zich met Nederland verbonden voelen.
Op Bevrijdingsdag, de dag waarop onze driekleur hoog in de mast wappert, herleven wij onze identiteit.'
Lees de gehele lezing.