Hoogleraar Joanne van der Leun wordt voorzitter van de Una Europa Board of Directors
Deze maand wordt de Leidse hoogleraar Criminologie Joanne van der Leun voorzitter van de Raad van Bestuur van Una Europa. Dit gebeurt op een belangrijk moment, omdat Una Europa een transitie doormaakt.
De alliantie van elf vooraanstaande Europese universiteiten, waaronder de Universiteit Leiden, bereidt zich onder interim-secretaris-generaal Sophia Karner voor op de volgende financieringsronde van de Europese Commissie in het kader van het “Initiatief Europese Universiteiten.” In de aanloop naar dit belangrijke jaar staat Joanne stil bij wat ze als voormalig decaan van de Leidse rechtenfaculteit heeft geleerd over leiderschap. Ook benadrukt ze het belang van gedeelde prioriteiten en ziet ze een verrassende overeenkomst tussen haar tuin en de vruchten van de alliantie. Dit interview is oorspronkelijk gepubliceerd op de website van Una Europa.
Hoe voelt het om deze leidinggevende rol op je te nemen als aankomend voorzitter van de Raad van Bestuur van Una Europa?
'Ik ben heel dankbaar om deel uit te maken van Una Europa en betrokken te zijn bij het experimenteren dat binnen de organisatie plaatsvindt. Ik verheug me er echt op om voorzitter van de Raad te worden. Het geeft me energie.'
Una Europa zit in een overgangsperiode. Hoe stelt de alliantie zich daarin op?
'Allereerst is de Raad erg blij dat Sophia Karner de functie van interim-secretaris-generaal op zich genomen heeft. Zij heeft de volledige steun van de gemeenschap. Ik vertrouw erop dat we onze weg weten te vinden te midden van de huidige veranderingen. Een overgangsperiode is heel normaal na een aantal jaren. Mensen veranderen – mensen in de Raad veranderen, mensen op onze partneruniversiteiten veranderen. Een overgangsperiode brengt uitdagingen met zich mee, maar ik zie het ook als een kans. Bij de allianties van Europese universiteiten draait alles om verandering. Het is heel gezond dat we dit proces zelf doormaken.'
Hoe ga je de alliantie hier doorheen loodsen als aankomend voorzitter van de Raad van Bestuur van Una Europa?
'Ik vind het heel belangrijk om meer keuzes te maken voor de komende jaren; om ons te richten op onze gedeelde prioriteiten. Op welke successen kunnen we voortbouwen? Wat willen we anders gaan doen? Una Europa is begonnen als een grote snoepwinkel; iedereen wilde alles op hetzelfde moment doen. Nu zijn we aangekomen op een punt waarop we selectiever moeten zijn en zeggen: oké, misschien doen we minder, maar we doen het wel beter. De volgende financieringsronde is voor twee jaar, wat niet erg lang is. Het is voor ons heel belangrijk om erover na te denken wat we op de lange termijn echt willen opschalen.'
Is er een aspect van het werk van de alliantie in de komende tijd dat jou speciaal aanspreekt?
'Interdisciplinariteit ligt me na aan het hart. Studenten moeten nu en in de toekomst in staat zijn om te praten met mensen uit andere disciplines. Het is heel belangrijk dat we studenten en promovendi zo veel mogelijk kansen bieden om deze vaardigheden te ontwikkelen.
De Interdisciplinary Hubs (academische knooppunten om interdisciplinair onderzoek, onderwijs en outreach overal in de alliantie te versterken) vormen een ander soort transitie: we geven de wetenschappelijke zelfsturende comités de gelegenheid om uit te groeien tot Interdisciplinary Hubs, waarin wetenschappers, ondersteunend personeel en studenten allemaal een rol hebben en samen kunnen werken. Interdisciplinariteit is een centraal onderdeel van ons werk.
Ik heb soms het gevoel dat mensen denken dat dit betekent dat we geen waarde hechten aan vakgebieden, maar dat is niet zo. Het gaat ook over sterke vakgebieden die goed aansluiten bij andere vakgebieden. We willen de Hubs meer openstellen en er meer mensen uit de partneruniversiteiten bij betrekken; vooral mensen die over de grenzen van hun eigen specialisme of vakgebied heen willen kijken.'
Hoe zou je jouw eigen leiderschapsstijl omschrijven?
'Voor mij draait het bij academisch leiderschap om inclusie en betrokkenheid van de gemeenschap. Ik geloof sterk in gedeeld leiderschap. Leiderschap op alle niveaus van de alliantie is essentieel: studenten, medewerkers en wetenschappers moeten echt samenwerken. Dat is een van de waardevolle ervaringen uit mijn tijd als decaan van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid. Het is heel belangrijk om zo nu en dan om de tafel te zitten met wetenschappers, met ondersteunend personeel en met studenten, en niet op je eigen eilandje te blijven. Luisteren is erg belangrijk.
Leiderschap moet berusten op waarden. De Europese waarden waarvoor Una Europa staat, zijn heel belangrijk voor me: een open, inclusieve, diverse, en wereldwijd relevante alliantie. Het is van groot belang dat wij deze waarden zelf naleven.
De tijd nemen om na te denken vind ik ook heel belangrijk. Wat zijn we aan het doen? Hoe pakken we het aan? Zijn we nog steeds tevreden over hoe het gaat? In mijn vrije tijd werk ik graag in de tuin. Ik kweek mijn eigen groente en mijn mooie Nederlandse bloemen. Daarom weet ik hoe belangrijk het is om zaden op het juiste moment en op de juiste plaats te planten. Maar het kost ook tijd. Je moet erop vertrouwen dat de zaden uitgroeien tot prachtige planten.'